De Linge



= De Linge =

 

De kommen vormden  heel vroeger het achterland van de oude bewoningsplaatsen.

Ze werden vanwege de slechte ontwatering vooral gebruikt als grasland, vooral om hooi af te halen.

Om de productiviteit te bevorderen werden de komgronden ontwaterd.

 

Vanaf ongeveer de 11de eeuw ontstond buurtschapsgewijs een net van sloten in de komgronden.

 Kleine sloten noemde men pijpen en grotere sloten zegen.

 

De buurtschappen, hoger gelegen op de stroomruggen of rivierduinen, loosden in die tijd het water in een dalvormige laagte,

waar het water plaatselijk stagneerde.

 

Na de ontginning van de komgebieden in de 13e/14e eeuw en de aanleg van de Betuwse bandijk

zijn in de Driedorpenpolder de Aerdtse Wetering (dwars door het komgebied) en de Peppelgraaf (in een strang) gegraven,

die zorg droegen voor de afwatering.

 

Aan het einde van de Middeleeuwen is oplast van de Graaf van Gelre in de dalvormige laagte de Linge gegraven

als afvoerkanaal van overtollig water. De vele dorps- en gehuchtpoldertjes konden zo hun water beter lozen.

 

De Betuwnaren legden vanaf Doornenburg tot aan de Dode Linge bij Tiel een lange wetering aan,

de Landwetering of Linge genaamd.




Deze wetering begon volgens overlevering onder de mestvaalt bij het huis van veerman Jan van Driel.



 De man helemaal links met het mandje op schoot is oud veerman Jan van Driel

 

Veel graafwerk hoefden de Doornenburgers niet te verrichten.

Voor de afwatering van hun grondgebied maakten ze gebruik van de bestaande, openliggende, pré-Romeinse Rijngeul.

 

"Het Kleine Meer" ten westen van het kasteel heeft nog lange tijd open gelegen .

Van oudsher is de Linge de belangrijkste afwatering voor het gebied tussen de Rijn en de Waal.

Linge betekent in het Middelnederlands 'lang'. Een toepasselijke naam voor een 108 km lange watergang.



Stroomgebied van de Linge

 

Tot bij Tiel vormt de Linge een kanaaltje, dat in de 13de eeuw moet zijn gegraven (zoals eerder beschreven)

 

Eeuwenlang vormde dit stroompje in Doornenburg niet meer dan een tochtsloot, bekend als de Rijn-Wetering.

 

Tot na de Tweede Wereldoorlog bevonden zich ter plekke van de huidige Linge twee direct naaste elkaar gelegen

weteringen gescheiden door een wal (Lingewal, Weteringsewal).

De Rijnwetering voerde het water uit de noordelijke helft van de Over-Betuwe af en de Waalwetering naar de zuidelijke helft.

 

De Linge kreeg de huidige breedte in 1951-1952, tijdens een grootscheepse verbetering van de waterafvoer.

 De inlaat van de Linge vanuit het Pannerdensch kanaal is dus het begin van deze rivier.





Inlaat van de Linge vanuit het Pannerdensch kanaal


In Doornenburg wordt de Linge niet bevaren door grote schepen maar vormt de rivier slechts een mooie stroom

door de prachtige natuur.

 

De rivier is voor kleine schepen goed bevaarbaar vanaf de stuw in de Korne bij Buren tot Gorinchem.

 Grote schepen komen niet verder de rivier op dan de insteekhaven in Geldermalsen,

vanaf de open staande Lingesluis in Asperen tot Geldermalsen is de vaarweg CEMT-klasse I.

Dit betekent dat er alleen Spitsen kunnen varen (De spits is een vrachtschip waarvan de afmetingen zijn afgeleid

van de maten van de sluizen en kanalen in Frankrijk.

 

In Doornenburg kan er recreatief gevaren worden op de Linge middels kano’s

die o.a. worden verhuurd door Lingevaart kano- en fietsverhuur of men kan  met eigen middelen de rivier verkennen.



Kanovaren op de Linge in Doornenburg

 

Bij strenge vorst kan er geschaatst worden op de Linge en in de zomer wordt er gezwommen in de rivier,

ook wordt er veelvuldig gevist.

 

De Linge is één van de vele prachtige rivieren die Nederland rijk is.



pompinstallatie bij laag water in de inlaat van de Linge

 

Het Lingelandschap is voor een groot deel beschermd en valt onder Natura 2000,

het netwerk van beschermde natuur in Europa.

 

Staatsbosbeheer beheert en onderhoudt deze waardevolle natuur langs de Linge en heeft,

waar mogelijk, gebieden opengesteld voor het publiek.

 

Vandaag de dag  zien we  de naam  Linge in veel zaken terug.

Stichting "de Linge" waar onder andere de Doornenburgse school de Doornick onder valt

De Lingeweg, Park Lingezegen en niet te vergeten de naam van de gemeente waar

 

Doornenburg onder valt "LINGEWAARD"

 

„Als ge nooit van de Linge ien de Bêtuwe had geheurd, dan zou ge van 't hele ding heel gin erg hebben gehad,

zo'n onneuzel ding van 'n revierke dat is”. Aldus De schrijver Jacobus Cremer.

 

"Onze"Linge is  inderdaad zo mooi. We zouden haar nooit willen missen.